Situatie:
Ik huurde van 2021 tot 2025 een appartement dat eerst gehuurd werd met een contract van korte duur, maar uiteindelijk automatisch eentje van lange duur werd. Het appartement werd half 2025 verkocht in samenwerking met de vastgoedmakelaar. Het huurcontract van lange duur tussen mezelf en de nieuwe eigenaren werd via aangetekend schrijven opgezegd door de nieuwe eigenaren met als reden 'eigen bewoning'. Uiteindelijk verliet ik het pand na zelf een tegenopzegging te doen begin oktober 2025. In streng ongenoegen door hoe het allemaal in zijn werk is gegaan, maar dat is een ander verhaal.
Heden:
Meer dan een jaar na mijn vertrek staat mijn naam nog steeds op de brievenbus en deurbel van mijn oude adres. (foto's als bewijs genomen met een krant van die dag). Zodoende had ik het sterke vermoeden dat de nieuwe eigenaren de wettelijke voorwaarden - effectieve bewoning van het pand binnen het jaar en minstens 2 jaar blijven wonen - niet naleven. Zoals gestipuleerd in artikel 17 van het Vlaams Woninghuurdecreet en dit op straffe van een 18 maanden schadevergoeding van de maandelijkse naakte huur op het moment van uittrede. (+- 20.000 euro)
Stand van Zaken:
Ik weet ondertussen via het opvragen van zowel het attest van verblijfplaats als dat van gezinssamenstelling van mijn oud-verhuurders dat de nieuwe eigenaren niet woonachtig zijn op het adres van mijn oude huur appartement en allebei nog steeds gedomicilieerd staan op het adres waar ze woonden toen ze mij de opzeg gaven. Zoals ik al van in het begin vermoedde, gebruiken ze denk ik het appartement enkel als tweede verblijf of iets dergelijks. Ik heb ook de Woningkaart aangevraagd nu, om te zien of er effectief wel mensen wonen op mijn oude adres, maar hoogstwaarschijnlijk niet dus.
Vraag:
Nu was mijn vraag aan jullie, die juridisch meer onderlegd zijn dan een leek als ik, wat mijn beste optie is om de schadevergoeding te eisen. Stuur ik een ingebrekestelling naar mijn oud-verhuurder en vraag/eis ik voor de volledige schadevergoeding. Regel ik in het in der minne of stel ik een verzoekschrift op voor de Vrederechter en maak ik mijn zaak direct procedureel aanhangig. Mijn oud-verhuurders hebben op dit moment nog geen kennis van mijn vaststellingen. Ik heb gelezen dat de Vrederechter het zou appreciëren dat je de rechtbank niet direct belast, en eerst de kans geeft er onderling uit te geraken. Maar ik wil mijn oud-verhuurders ook niet de kans geven om goedkope excuses te verzinnen. Wat zouden jullie doen en hebben jullie ervaring met dit soort geschillen?
Alvast hartelijk bedankt voor de raadgeving!